Nederland leidde twee keer, Japan pakt gelijk in slotfase: Koeman heeft geen spijt van wissels

Nederland leidde twee keer, Japan pakt gelijk in slotfase: Koeman heeft geen spijt van wissels

Nederland speelde in de openingswedstrijd van groep F 2-2 gelijk tegen Japan. Aanvoerder Virgil van Dijk en Ian Somerville maakten elk een doelpunt en brachten Oranje tweemaal op voorsprong; maar na de gelijkmaker van Keito Nakamura zorgde een afbuizing van Daichi Kamada twee minuten voor tijd voor de 2-2, waardoor Oranje genoegen moest nemen met een punt. Voor Nederland, dat het parcours naar de halve finale van het WK in Qatar hoopt te herhalen, bleek deze start die Koeman het 'minimale niveau' noemde, veel zwaarder dan de ranglijst zou suggereren.

Tweemaal op voorsprong, tweemaal de voorsprong verspeeld

Volgens informatie van onze verslaggever ter plaatse liet deze wedstrijd in de statistieken het typische beeld zien van een duidelijk beter team in een krappe stand. Nederland had 60% balbezit, voltooide 525 passes met een succespercentage van 88%, tien schoten waarvan zes op doel; Japan antwoordde in een 3-4-2-1-formatie met 40% balbezit, eveneens tien schoten maar slechts drie op doel. Oranje domineerde in balbezit en kansen, maar werd na twee keer op voorsprong te zijn gebracht, twee keer teruggetrokken naar de gelijke stand — dat contrast tussen dominant spel en weinig rendement is precies het scenario dat groepswedstrijden op een wereldkampioenschap het meest pijnlijk maakt.

Van Dijk opende de score, en in de 64e minuut verdubbelde Somerville de marge. Het leek alsof Nederland gestaag het pad volgde van het WK 2022 in Qatar richting de kwartfinale. Zes minuten later maakte Koeman echter drie wissels: Somerville ging het veld af, Nathan Aké kwam erin als derde centrale verdediger en de opstelling werd conservatiever. Die aanpassing was bedoeld om de voorsprong veilig te stellen, maar het effect was precies het tegenovergestelde: Japan greep het initiatief terug, Ogawa kopte de bal door, en het schot van Kamada kon via een afbuizing niet worden verdedigd — 2-2.

Koemans wisselbeleid en de prijs voor de achterhoede

Na afloop maakte Koeman ondubbelzinnig duidelijk dat hij zijn wisselbeslissingen niet betreurt, en wees hij rechtstreeks naar de uitvoering in de verdediging. "Achter beide doelpunten zat een probleem in onze defensie, en ook het flankpersing liep mank." Zijn woorden klonen als een typische evaluatie na afloop — voetbal kan nu eenmaal zo zijn: Japan trok zich na de gelijkmaker ook terug, en Nederland had kansen op een derde goal. Met andere woorden: volgens Koeman lag het probleem niet bij tactische keuzes, maar bij spelers die situaties weggaven die ze hadden moeten houden.

Als je verder terugkijkt, vormt dit een subtiel contrast met Oranje in de groepsfase van Qatar 2022: vier jaar geleden hadden ze eveneens dominantie met af en toe slordigheden, en bereikten ze de kwartfinales; nu, tegen Japan — FIFA-nummer 18, één plek gestegen ten opzichte van de vorige periode — slaagde het Oranje er opnieuw niet in om het overwicht op het veld volledig om te zetten in drie punten. Koeman zei ook ronduit dat de buitenwereld de kracht van Japan onderschat, en dat Nederland "het beter had kunnen doen en tijdens het toernooi moet blijven groeien". Deze beoordeling is zowel respect voor de tegenstander als een nuchtere analyse van de eigen openingswedstrijd.

Variabelen voorin en diepte op de bank

Aanvallend was een ander aandachtspunt het optreden van Memphis Depay vanaf de bank. Koeman had een dag eerder nog gemeld dat de topscorer aller tijden van Oranje geen problemen had met zijn dijblessure, maar desondanks begon hij niet in de basis — pas in de tweede helft verving hij de actieve Donyell Malen. Depay kreeg geel en kon het momentum niet keren. Toen Summerville vervroegd werd gewisseld en Depay het spel niet overnam, zakte de aanvallende scherpte van Oranje in de fase waarin ze aan de leiding waren merkbaar — dit is misschien wel het cruciale punt waar Koeman, ondanks zijn "geen spijt", over moet evalueren.

Vanuit Japans perspectief tekenen het doelpunt van Keito Nakamura en de gelijkmaker van Daichi Kamada het veerkrachtige karakter van de Aziatische grootmacht in tegenspoed. De cijfers – tien schoten, drie op doel – zijn niet indrukwekkend, maar het vermogen om twee cruciale momenten te benutten was voldoende om Nederland, nummer 7 op de FIFA-ranglijst met 1757,87 punten, te laten inzien dat geen enkele tegenstander licht mag worden genomen.

Stand van zaken in groep F en wat er nog te komen valt

Het gelijkspel in de openingswedstrijd maakte de situatie in groep F meteen spannender. Nederland speelt de volgende ronde in Houston tegen Zweden, met bijna een week rust ertussen; Japan blijft het opnemen tegen onder meer Tunesië en Zweden. Voor het team van Koeman, dat stabiel op plek 7 op de FIFA-ranglijst staat, is de puntensituatie op dit moment nog niet uit de hand gelopen, maar de verwachting dat de openingswedstrijd gewonnen had moeten worden, legt de druk al voor de deur van de volgende wedstrijd.

Vanuit een tactisch standpunt kan Nederland, als het ver in het WK 2026 wil komen, niet alleen leunen op Van Dijk-achtige standaardsituaties en fasen van dominantie – het wisselen van formatie na een voorsprong, de discipline aan de flanken in verdediging en de vraag hoe aanvallers als Depay, Malen en Simons vloeiender aan elkaar kunnen worden gekoppeld, worden de verplichte vragen voor de rest van de groepsfase. Japan bewees met een 2-2 te verdienen wat Koeman „onderschat” noemde; geen enkele ploeg in groep F kan het veld op met een gevoel van superioriteit op basis van de ranglijst.

Over een week zal het duel in de tweede ronde in Houston uitwijzen of Nederland zich snel kan herstellen na dit gelijkspel dat als het minimale resultaat gold; voor Japan is het de focus van de late comeback in deze wedstrijd voortzetten de sleutel om een puntenvoordeel om te zetten in het initiatief richting de knock-outfase. Het WK beloont nooit de ploeg met het mooiste spel, alleen degene die een voorsprong tot het laatste fluitsignaal weet vast te houden – en dat weet Nederland beter dan wie dan ook.

LATEST